PRAKTISCH

Volg ons

TwitterFacebookLinkedIn

 

NIEUWSBRIEF

Ontvangt u graag de LICG nieuwsbrief? Voer dan hier uw e-mailadres in:


Verzorging van uw kitten

Alle kittens zijn schattig en soms is het moeilijk de verleiding te weerstaan om een kitten mee naar huis te nemen, zonder stil te staan bij de gevolgen hiervan. Besef dat kittens, net als kinderen, ook dingen in huis kunnen vernielen en veel aandacht vragen. De aanschaf van een kitten betekent dat u zich voor de komende 14 jaar verbindt aan de zorg voor een kat en sommige katten worden zelfs wel 20 jaar oud.

Zorgen voor uw kat

De zorg voor een kat bestaat uit:

  • het geven van veel persoonlijke aandacht;
  • elke dag een goede voeding geven en ervoor zorgen dat de kat over vers water beschikt;
  • het zorgen voor een schone en comfortabele rustplaats;
  • het aanbieden van toegang buitenshuis of bereid zijn om dagelijks de kattenbak te verschonen;
  • het regelmatig borstelen van uw kat, vooral langharige katten vragen om een (bijna) dagelijkse vachtverzorging;
  • het laten castreren van uw poes of kater op een leeftijd tussen de 4 tot 6 maanden;
  • het regelmatig laten vaccineren van uw kat tegen ernstige virusziekten;
  • het regelmatig ontwormen van uw kat en vlooien bestrijden;
  • het naar de dierenarts gaan met uw kat, wanneer deze ziektesymptomen vertoont. Een huisdierenzorgverzekering kan u helpen te besparen op de kosten van uw dierenarts.

De thuiskomst van uw kitten

Het verhuizen naar een nieuw huis brengt veel stress mee voor een kitten. Stel hem daarom gerust en geef hem de tijd om aan zijn nieuwe omgeving te wennen, voordat hij kennis gaat maken met andere huisdieren. Zorg ervoor dat alle deuren en ramen gesloten zijn en dat een eventuele open haard afgeschermd is (een stille, donkere schoorsteen kan erg uitnodigend zijn voor een nerveuze kitten). Zorg ervoor dat uw kitten weet waar zijn rustplaats, kattenbak en etens- en drinkbakje zich bevinden.

De rustplaats van het kitten moet een veilige haven vormen waar hij zich terug kan trekken wanneer de stress hem teveel wordt. Deze moet warm, droog, comfortabel en tochtvrij zijn. Er zijn allerlei soorten ligplaatsen waaruit u kunt kiezen, maar u kunt ook een warm kleedje in een sterke, kartonnen doos, waarin u een gat heeft gemaakt in de zijkant, gebruiken. Plaats deze in een warme, veilige hoek (vlakbij de verwarming in de winter) die uitnodigend en veilig aandoet. De eerste nachten kan een warme kruik onder een dekentje bijdragen aan het verminderen van het gevoel van gemis van zijn moeder en nestgenootjes.

Als u toevallig een grote bench heeft, of deze kunt lenen (een speciale bench voor de kat of voor een hond), dan biedt u uw kitten een veilige omgeving waarin u zelfs de kattenbak en een ligkussen kunt plaatsen. Een bench is ook ideaal bij het kennis maken met andere huisdieren.

Kennismaken met andere huisdieren en kinderen

De kennismaking met andere bewoners van het huis kan het beste geleidelijk en op vriendelijke en rustige wijze plaatsvinden. Enthousiaste kinderen kunnen heel eenvoudig en onbedoeld uw kitten verwonden, dus zorg ervoor dat er altijd iemand toezicht houdt tijdens het spelen en dat het kitten niet onnodig wordt opgetild. Kinderen kunnen het beste op de vloer gaan zitten en wachten tot het kitten zelf nieuwsgierig naar hen toekomt.

Als uw kitten niet meer wil spelen, laat hem dan ook met rust. Een kitten is immers geen speeltje. Kittens hebben, net als andere jonge dieren, veel slaap nodig en moeten dus de kans krijgen om tussendoor te rusten.

Het kennismaken met een hond of andere kat moet voorzichtig gebeuren om ongelukken te voorkomen. Een slechte ervaring is lastig ongedaan te maken. Wanneer u uw kitten tijdelijk in een grote bench kunt onderbrengen, dan zal hij zich hierin veilig voelen, en kunnen honden of andere katten in huis geleidelijk wennen aan de nieuwkomer.

Aan sommige honden, met name honden die geen katten gewend zijn of snel opgewonden of agressief zijn, moet meer aandacht worden besteed tijdens het kennismaken. Om de hond zo kalm mogelijk te houden, is het verstandig hem aan te lijnen en rustig te laten zitten. Het nieuwe kitten kan het beste op een veilige plek in de kamer worden gezet. Zo kan het rustig wennen aan de hond en uit eigen beweging de hond benaderen. Dit kan echter wel wat tijd kosten en vraagt om geduld en het uitbundig belonen van de hond op het moment dat ‘ie zich goed gedraagt.

Voor de wat rustigere honden en honden die aan katten gewend zijn, kan een stevige reismand een handig hulpmiddel zijn bij de kennismaking. Houdt de hond aanvankelijk aan de lijn, plaats de reismand op een hoog gelegen oppervlak en laat de dieren onder toezicht, kort maar meerdere keren met elkaar in contact komen. De meeste honden kalmeren al snel wanneer ze zich realiseren dat de nieuwkomer niet echt heel erg interessant is. Intensiveer de ontmoetingen, maar houd de hond voor de veiligheid aan de lijn. Laat het kitten nooit alleen in aanwezigheid van honden of katten, totdat ze volledig aan elkaar gewend zijn.

Voeding

Bij thuiskomst kunt u uw kitten aanvankelijk het beste de voeding geven waaraan het gewend is. Een plotseling voerverandering, in combinatie met de stress die gepaard gaat met het verhuizen, kan leiden tot maagklachten en diarree. Als u van voeding wilt veranderen, kunt u dit het beste geleidelijk doen door het oude en nieuwe voer met elkaar te mengen. Een kitten heeft maar een klein maagje en heeft daarom meerdere kleine maaltijden per dag nodig, net als een baby.

Het samenstellen van een zelfgekookt dieet, dat alle voedingsstoffen voor het groeiende kitten bevat, is niet eenvoudig. Het is veel makkelijker te kiezen voor een hoogwaardige kant-en-klare voeding, speciaal voor kittens, en de tijd die u hierdoor overhoudt te gebruiken om te spelen met uw kitten! Gebruik uitsluitend voer voor kittens en geen voer voor volwassen katten, een kitten heeft een andere voedingsbehoefte dan de volwassen kat. Lees de voedingsrichtlijnen op de verpakking aandachtig door en volg deze op. Als het gaat om een ‘complete’ voeding, zoals de meeste kittenvoeders in Nederland, dan bevat deze alles wat uw kitten nodig heeft.

Kittens van acht tot twaalf weken oud hebben vier maaltijden per dag nodig, kittens van drie tot zes maanden drie maaltijden. Kittens ouder dan zes maanden hebben aan twee maaltijden voldoende. Of het mogelijk is om altijd voer te hebben klaarstaan voor uw kat, hangt af van uw levensstijl, wat uw kitten prettig vindt en gewend is en of er nog andere katten in huis zijn met speciale eetgewoontes of dieetbehoefte.

Geef uw kitten geen koeienmelk, want dit kan leiden tot diarree. Als u graag melk wilt geven, kies dan voor speciale kattenmelk. Wanneer diarree langer dan 24 uur aanhoudt, moet u altijd naar uw dierenarts gaan. Zorg ervoor dat uw kat altijd beschikt over vers water.

Kattenbaktraining

Katten zijn erg kieskeurig als het om hun kattenbak gaat en de meeste kittens hebben al van hun moeder geleerd hoe ze de kattenbak moeten gebruiken. Vaak is het voldoende om het kitten te wijzen waar de bak staat en hem erop te plaatsen na het wakker worden en na elke maaltijd, of wanneer het kitten rondsnuffelt, krabt of een hurkende houding aanneemt en eruit ziet alsof deze hoge nood heeft!

U heeft een kunststof kattenbak nodig die u kunt vullen met zand, korrels of kattengrit, verkrijgbaar bij de dierenspeciaalzaak. Tuinaarde is ongeschikt, vooral voor ongevaccineerde kittens, omdat zich hierheen ziekteverwekkers kunnen bevinden van andere katten die de tuin als kattenbak hebben gebruikt. Plaats de bak op een krant om geknoeide vulling, die tijdens het gebruik over de rand valt, op te vangen. U kunt natuurlijk ook een grotere bak kiezen.

Als u van plan bent uw kitten in de toekomst de tuin te laten gebruiken, dan is een eenvoudige open bak voldoende voor de eerste paar weken. Als u van plan bent om uw kat alleen op de kattenbak te laten gaan, dan kunt u overwegen om een overdekte kattenbak te kiezen die de kat meer privacy biedt, geurtjes tegenhoudt en knoeien voorkomt.

Plaats de kattenbak in een rustige, goed bereikbare hoek waar uw kitten niet gestoord wordt. Plaats de bak niet in de buurt van etens- of drinkbakjes. Het kitten kan de kattenbak vermijden als deze te dicht in de buurt van zijn eten staat.

Houd de kattenbak schoon en maak deze regelmatig leeg. Sommige desinfectiemiddelen, die in water troebel worden, zijn giftig voor de kat. Gebruik daarom alleen heet water en een schoonmaakmiddel om de kattenbak te reinigen en kies voor een kat-vriendelijk desinfectiemiddel zoals bleek (chloor) dat verdund, zoals aangegeven op de verpakking, gebruikt kan worden. Spoel na met water voordat u de kattenbak weer vult.

Als uw kitten zijn behoefte op een andere, ongewenste plek in huis blijft doen, sluit het dan op in één ruimte met een kattenbak totdat het kitten geleerd heeft deze te gebruiken. Plaats het kitten op de kattenbak, vlak na het eten of wanneer het kitten rondsnuffelt, een hurkende houding aanneemt of eruit ziet alsof hij rondkijkt naar een geschikte hoek om te gebruiken als kattenbak.

Wat als het kitten niet op de kattenbak gaat?

Als de kitten weigert de kattenbak te gebruiken, kunnen er diverse oorzaken zijn:

  • de bak is niet schoon genoeg - verschoon de bak vaker;
  • de bak is niet groot genoeg - de bak moet groot genoeg zijn voor een volwassen kat om zich om te kunnen draaien en om hem vaker dan één keer te kunnen gebruiken, zonder vies te worden;
  • de bak is schoongemaakt met een te sterk ruikend schoonmaakmiddel;
  • de bak staat te dicht bij de slaap- of eetplaats;
  • het kitten vindt de gekozen kattenbakvulling onprettig - kies voor de soort vulling die in het verleden wel gebruikt werd. 
  • De kitten vindt het lastig om het deurtje open te duwen – haal (tijdelijk) het deurtje er uit.
  • De instap is te hoog – verlaag de instap van de kattenbak

Van de kattenbak naar de tuin

Wanneer uw kitten naar buiten begint te gaan, kunt u de kattenbak geleidelijk aan richting de deur verplaatsen. Een paar handjes kattengrit die u uitstrooit over de tuinaarde kunnen het kitten aanmoedigen daar te gaan graven. Laat de kattenbak staan, totdat uw kitten zelf de tuin gaat gebruiken.

Naar buiten gaan

U kunt uw kitten het beste binnenhouden tot minimaal een week na het krijgen van zijn laatste vaccinatie. Uw kitten is dan dertien tot veertien weken oud (afhankelijk van het toegediende vaccin). Na volledig gevaccineerd en helemaal gewend te zijn aan het leven bij u in huis, kunt u uw kitten naar buiten laten gaan. Kies een droge dag uit (indien mogelijk), een rustig tijdstip en vergezel uw kitten naar buiten, waar u hem op zijn gemak de omgeving laat verkennen. Blijf bij uw kitten tot hij gewend is aan de tuin en zijn weg naar binnen zonder problemen kan vinden. Tot een leeftijd van zes maanden kunt u uw kitten beter niet alleen naar buiten laten gaan.

Katten bepalen het liefste zelf wanneer ze binnen of buiten zijn. Een kattenluik biedt hem deze mogelijkheid. Het kattenluik kan een kattenbak in huis overbodig maken, uw kitten kan immers naar buiten gaan wanneer hij wat moet doen. U kunt uw kitten leren het luik te gebruiken door het open te klappen en hem met wat lekkers erdoor heen te lokken. Laat langzaam het luikje zakken, zodat uw kitten leert deze weg te duwen. Als u al een andere kat in huis heeft, dan is het heel goed mogelijk dat uw kitten het kunstje al heeft afgekeken, misschien wel voordat u er klaar voor bent. Kittens leren heel makkelijk door te kijken naar andere katten.

Om te voorkomen dat katten uit de buurt uw huis binnenkomen, kunt u een kattenluik aanschaffen dat alleen opent voor uw eigen kat. Een magnetische - of elektrische sleutel aan de halsband van uw kat zorgt ervoor dat het luik opengaat.

Halsbanden voor uw kat

Bij het ouder worden van uw kitten (ouder dan zes maanden), kunt u overwegen om een halsbandje om te doen. Deze kan een adreskokertje of ander identificatiemiddel bevatten of een magneet of andere ‘sleutel’ voor een elektrisch kattenluik dragen. Geef uw kat geen halsband om, alleen omdat u het mooi vindt.

Halsbandjes moeten op maat gemaakt worden, want kittens zijn erg actief en onderzoekend. Ze kunnen heel makkelijk met het bandje ergens achter blijven haken, zoals aan een boomtak of aan een hek. Ook kunnen ze met hun voorpootje in het bandje klem komen te zitten wat kan leiden tot verwondingen. Bandjes die ‘vanzelf knappen’, verminderen de kans dat de kat komt vast te zitten in een onmogelijke positie. Bij een jonge, snel groeiende kat, zult u regelmatig moeten controleren of het bandje nog goed past (u hoort er met één of twee vingers onder te kunnen komen) en de maat moeten aanpassen.

Vlooienbandjes zijn niet de beste manier om problemen met vlooien te voorkomen en vergroten het risico op vast komen te zitten van nieuwsgierige kittens die overal in klimmen en zich verstoppen in kleine ruimtes. U kunt het beste uw kitten laten chippen, zodat hij identificeerbaar is zonder risico op ongelukjes. Vergeet niet uw kitten te laten registreren bij een databank.

Gevaren in huis

Kittens zijn erg avontuurlijk en onderzoeken graag kleine, donkere ruimtes waar ze net in kunnen kruipen. Als u uw kitten dus ‘kwijt’ bent, zoek dan vooral in wandkasten, kledingkasten, schuurtjes etc. voor het geval het kitten opgesloten of klem zit.

Houd de deuren van de wasmachine en droger dicht wanneer deze niet gebruikt worden en controleer ze voor u er kleding instopt.

Als uw kitten graag op planten knabbelt, verwijder dan alle planten die mogelijk giftig zijn zoals Dieffenbachia (schoonmoedersplant, dovemansriet), kerstster, lelietje-van-dalen, nachtschade, wonderboom, avocadoplant, Ficus (rubberplant/boom) en klimop. De meeste katten laten deze planten met rust, maar kittens kunnen erg nieuwsgierig zijn.

Als u in een appartement woont, op de eerste verdieping of hoger, of een huis heeft met meerdere verdiepingen, zorg er dan voor dat er geen ramen open staan waar uw kitten door naar buiten kan vallen.

Bewaar bestrijdingsmiddelen voor de tuin op een afgesloten, veilige plek en let vooral op met het gebruik van middelen tegen slakken of ander ongedierte. Deze middelen zijn vaak ook erg giftig voor andere dieren.

Speeltjes en afleiding

Kittens zijn dol op spelen. Zorg voor een grote variatie aan speeltjes om uw kitten fit en bezig te houden, deze hoeven helemaal niet duur te zijn. Elk kitten is gek op kartonnen dozen om in te spelen. In de dierenspeciaalzaak zijn ook leuke speeltjes te koop. Spelen is een goede manier om elkaar te leren kennen en vertrouwen. Zorg daarnaast voor een goede krabpaal, zodat uw kitten niet uw meubilair hoeft te gebruiken om te krabben.

Vachtverzorging

Wen uw kitten vanaf jonge leeftijd aan om geborsteld worden, vooral als hij lang haar heeft. Langharige katten hebben dagelijks aandacht nodig om klitten te voorkomen. Borstelen verwijdert overtollige losse haren die anders een haarbal kunnen vormen in de maag. Bovendien vinden de meeste katten het prettig om te worden gekamd en geborsteld als ze dit van jongs af aan gewend zijn. Het borstelen geeft u ook de kans om tegelijkertijd de gezondheid van uw kat in de gaten te houden en zal de band met uw kat versterken. Doe het zachtjes en maak van het borstelen een aangename en plezierige belevenis.

Vaccinaties

Om uw kat te beschermen tegen fataal verlopende infecties, zoals niesziekte of kattenziekte, moeten kittens gevaccineerd worden. De eerste injectie wordt toegediend op een leeftijd van acht tot negen weken, en een herhalingsenting volgt op ongeveer twaalf weken leeftijd. Voor een optimale bescherming, kunt u uw kitten na de laatste vaccinatie het beste nog een dag of tien binnenhouden en afgezonderd van andere katten.

Om het beschermende effect van de vaccinatie te waarborgen, moet uw kat regelmatig opnieuw gevaccineerd worden (gewoonlijk één keer per jaar of per drie jaar). Uw dierenarts zal het vaccinatieprogramma afstemmen op de risico’s die uw kat loopt in zijn omgeving. In steden met een groot aantal (zwerf)katten, bijvoorbeeld, is het risico op ziektes groter.

Ontwormen

Wormen kunnen het kitten verzwakken. Kittens moeten vanaf een leeftijd van drie tot vier weken behandeld worden tegen spoelwormen, en daarna elke twee weken totdat ze twee maanden oud zijn. Vervolgens maandelijks tot een leeftijd van zes maanden. Hierna wordt minimaal vier keer per jaar een behandeling tegen spoel- en lintwormen geadviseerd, afhankelijk van het jachtgedrag van uw kat en de aanwezigheid van vlooien. Gebruik een geschikt ontwormingsmiddel op advies van uw dierenarts en volg de instructies nauwkeurig op. Elders op deze website vindt u meer informatie over ontwormen.

Vlooien

Zelfs schone katten kunnen vlooien oppikken, dus let hier altijd op tijdens het borstelen. Vlooienpoepjes zien eruit als bruine korreltjes (‘vuil’) en bevindt zich vooral rondom de nek en aan de staartbasis. Wanneer u deze korreltjes nat maakt met een stukje natte watten of een tissue ziet u hoe het ‘vlooienvuil’ langzaam uiteenvalt als bloed.

Een effectieve bestrijding bestrijdt niet alleen de volwassen vlooien op het kitten, maar voorkomt ook een herbesmetting van de omgeving. Sommige vlooienbestrijdingsmiddelen (sprays, shampoos en vlooienbandjes) kunnen substanties bevatten die giftig zijn voor kittens en bovendien minder effectief zijn. Uw dierenarts kan u een aantal middelen voorschrijven die de vlo bestrijden en veilig zijn in het gebruik, omdat ze alleen werkzaam zijn tegen insecten. Deze middelen zijn makkelijk in gebruik en kunnen vanaf jonge leeftijd gebruikt worden.

Andere huisdieren moeten ook behandeld worden. De ligplaats van de kat moet gewassen of vervangen worden. Uw dierenarts kan u ook een aantal producten meegeven die de vlooien in de omgeving bestrijden of die u aan de kat kunt toedienen om te voorkomen dat de vlo zich verder kan voortplanten (de ‘vlooienanticonceptiepil’).

Oormijten

Katten kunnen last hebben van oormijten. Vaak zijn er geen symptomen aanwezig maar bij sommige katten kunnen ze tot irritatie leiden en de productie van overmatig bruin/zwart oorsmeer. Ook als de oren van uw kitten er vies uitzien, jeukerig zijn of vol zitten met donker gekleurd oorsmeer, is het verstandig deze te laten nakijken door uw dierenarts. In ernstige gevallen kan het oorkanaal worden geblokkeerd wat leidt tot ontsteking. Ook al veroorzaken de mijten zelf geen pijn, ze kunnen erg irriteren en andere katten en honden in huis besmetten. Als u een hond heeft met blijvende problemen met oormijt, dan is het verstandig ook de oren van uw kat te laten controleren door uw dierenarts, omdat deze de bron zouden kunnen zijn.

Castratie

Jaarlijks belanden er vele katten en kittens in het asiel, moeten ze worden geëuthanaseerd, of worden ze ergens achtergelaten omdat ze te veel zijn en er geen plek meer is. Door uw poes of kater te laten castreren (verwijderen van de geslachtsorganen), helpt u dit probleem te verminderen.

Een kater wordt meestal gecastreerd vanaf een leeftijd van vijf maanden. Castratie verkleint de kans op sproeigedrag in huis om zijn territorium af te zetten. De kater zal ook minder tijd besteden aan het zoeken naar een mogelijke partner, waardoor de kans om aangereden te worden of in gevecht te raken met een andere kater, beduidend minder zal zijn. Katten die gebeten of gekrabd worden tijdens een gevecht, hebben een hogere kans op een besmettelijke ziekte.

Een poes wordt gecastreerd om ongewenste kittens te voorkomen. De term ‘sterilisatie’, die vaak nog wordt gebruikt, is onjuist, omdat bij de poes de eierstokken en eventueel de baarmoeder verwijderd worden tijdens deze ingreep en niet alleen maar afgebonden. Het verwijderen van de geslachtsorganen heet officieel ‘castratie’. Een poes wordt meestal gecastreerd vanaf een leeftijd van vijf maanden. Ze hoeft hiervoor geen nestje te hebben gehad. Castratie heeft geen nadelige gevolgen en vermindert vooral de stress die het geeft als uw poes krols wordt (luid miauwen om een kater te lokken), de dracht, de geboorte en het verzorgen en zoeken naar een nieuw huis voor de kittens.